donderdag 30 juli 2009

Joepie, ik mag het land uit!

Vandaag ben ik maar weer eens langs gegaan bij de vreemdelingenpolitie. Deze keer moest ik speciale permissie aanvragen om het land uit te mogen. Aangezien ik namelijk midden in het proces zit om een werkvergunning te krijgen mag ik officieel het land niet uit. Aanstaande zondag ga ik echter samen met CENFOPAR op uitwisselingsbezoek bij een aantal organisaties in Bolivia en Chili. En dus moest er een speciale toestemming aangevraagd worden.

Na het kopen van een busticket naar Bolivia (wat ik niet ga gebruiken), het invullen van een formulier en het maken van de nodige kopietjes moest ik naar de bank. Deze keer was de mevrouw van de informatiebalie niet zo toegefelijk en moest ik gewoon aansluiten in de normale rij. En gelijk heeft ze natuurlijk. Dus daar stond ik samen met tientallen Peruanen te wachten op mijn beurt. Gelukkig ging het redelijk snel en na precies een half uur wachten stond ik weer buiten.

De permissie was verder zo geregeld. En nu ben ik dus in het bezit van een keurige brief die de douane verzoekt mij alsjeblieft het land te laten verlaten en, niet onbelangrijk, mij ook weer binnen te laten. Bolivia en Chili here I come!

maandag 27 juli 2009

Kkkkkkoud

In Peru is iets vreemds aan de hand met het weer. Het is juli, wat betekent dat we eigenlijk midden in het droge seizoen zitten. En toch begon het ongeveer een week geleden tot ieders verbazing ineens te regenen. En niet eens een klein miezerbuitje, maar een enorme stortbui compleet met windstoten en onweer. "Wat vreemd" zeiden we tegen elkaar op kantoor. Regen in juli is niet echt gebruikelijk. Nog vreemder is dat het sindsdien eigenlijk niet meer opgeklaard is. Zelfs in de Heilige Vallei, waar het normaal gesproken toch een paar graadjes warmer is dan in Cusco is het overdag enorm koud, bewolkt en regenachtig. Echt winterjassen-weer.

Donker, mistig en regenachtig weer tijdens ons bezoek aan Maras

Net als in Nederland wordt er ook hier in Peru flink geklaagd over het weer. Zo'n beetje elk gesprek begint met "¡Que frio!" (wat een kou!). De taxichauffeur, de deelnemers aan de bijeenkomst waar ik vrijdag was, mijn collega's, de dorpsbewoners, de winkelier, allemaal hebben ze het over het weer. De mensen hier beginnen zich inmiddels af te vragen of het natte seizoen misschien vervroegd is ingetreden. Zou het aan de klimaatverandering liggen? Of komt het misschien door de eclips van afgelopen week? Wat het ook is, laten we hopen dat het snel opklaart en het overdag weer lekker warm en zonnig wordt.

vrijdag 24 juli 2009

Leven in Patacancha

Gisteren en eergisteren zijn Barry en ik in Patacancha geweest. Als een soort proeftoerist hebben we het toeristisch project bezocht dat CENFOPAR steunt. Voor mij natuurlijk erg belangrijk, want als ik deze mensen wil helpen moet ik hun toeristisch project natuurlijk wel door en door kennen.

Ondanks dat we eigenlijk maar een dag in Patacancha zijn geweest heb ik me in deze 24 uur verschillende keren verbaasd en verwonderd. Ik realiseerde me eens te meer hoe anders deze mensen leven. Een kleine greep uit mijn indrukken:

  • Op de dieren passen is vaak de verantwoordelijkheid van de kinderen in het gezin. De dieren grazen echter niet in de achtertuin, maar op hoogvlaktes kilometers ver van het dorp. Voor ons is het onbegrijpelijk, maar voor onze gastfamilie de normaalste zaak van de wereld, dat hun 3 kinderen van 3, 4 en 8 jaar oud in hun eentje ergens op de hoogvlakte op de lama's, alpaca's, schapen, koeien en paarden aan het passen zijn. Omdat het vakantie is hoeven ze niet terug naar huis en blijven ze op de hoogvlakte slapen om te voorkomen dat de dieren 's nachts geroofd worden of opgegeten worden door vossen of poema's. Toen ik vroeg wat ze dan eten werd me verteld dat de dochter van 8 prima in staat is een maaltijd te bereiden.
  • Terwijl ik 's nachts met een maillot, broek, hemd, t-shirt, trui en twee paar sokken aan nog lag te bibberen onder mijn 4 dekens slapen deze kinderen dus gewoon ergens op de hoogvlakte. Waarschijnlijk in de open lucht of in een geïmproviseerd tentje. Onbegrijpelijk.
  • De moeder van het gezin bleek trouwens pas 26 jaar te zijn. Vreemd om te bedenken dat iemand van ongeveer mijn leeftijd in Patacancha al getrouwd is, een huishouden runt en 3 kinderen heeft, waarvan de oudste 8 jaar is. Waarschijnlijk is ze dus erg jong getrouwd en zwanger geworden, maar dat is hier eerder regel dan uitzondering. Later die dag kwam een vriendin op bezoek. Ze zag eruit als 17-18, maar had wel al een kind van minimaal anderhalf jaar.
  • Dat er trouwens niet meer ongelukken met kinderen gebeuren is me ook een raadsel. Kinderen hebben in Patacancha op heel jonge leeftijd al vrij veel verantwoordelijkheid en vrijheid. Er wordt lang niet zo goed op de kinderen gelet als in Nederland. Het komt regelmatig voor dat Barry en ik zeer jonge kinderen alleen zien rondlopen of op een stoepje zien zitten (niet alleen in Patacancha, maar ook in Cusco zelf). Daar moet je in Nederland toch niet aan denken. Maar goed, kinderen zijn hier op jonge leeftijd ook wel veel zelfstandiger dan in Nederland. Ik ken geen enkel 8 jarig kind dat zelf in staat is een warme maaltijd te bereiden.
  • En dan die viezigheid. De man van het gezin was samen met zijn buren een huis aan het bouwen. Na een dag hard werken duikt hij waarschijnlijk met deze kleren aan gewoon zijn bed in om de volgende dag op te staan en met dezelfde kleren aan weer aan het werk te gaan. En terwijl ik in de keuken aan het kijken was naar de vrouwen die het eten aan het klaarmaken waren viel me op hoe vaak de rokken worden gebruikt om de handen aan af te vegen. Maar niemand loopt in zulke vieze kleren rond als de kinderen. Truien en jassen zitten vol snot en spuug en broeken vol modder, maar dat schijnt helemaal niet uit te maken. Waarschijnlijk is het toch dweilen met de kraan open om deze kinderen elke dag schone kleren aan te trekken.
  • De vader van het gezin werd bij het bouwen van het huis trouwens geholpen door zijn 11 jarige buurjongen. Deze jongen woont samen met zijn moeder en 3 zussen. Zijn vader was alcoholist (een veel voorkomend probleem in Peru en met name in de hooglanden) en is op een dag gewoon vertrokken. Er is nooit meer iets van hem vernomen. Miguel is dus eigenlijk een beetje de man in huis ondanks zijn 11 jaar. Als een van de mannen hielp hij dapper mee met het bouwen van het huis. Echt een harde werker.
  • De dag erna was Miguel onze gids tijdens een korte wandeling en toen werd toch wel duidelijk dat hij echt nog een kind is. Hij was helemaal onder de indruk van Barry's camera, zakmes en iphone. Hij heeft tientallen foto's van ons gemaakt en keer op keer stelde hij de vraag "en waar is dit voor, en dit…?".
  • Hij stelde ook veel vragen over Nederland. Of we ook koeien hebben. Of we paarden eten. Of er bergen zijn in Nederland. Of er condors vliegen. We legden uit dat Nederland vlak is en aan de zee ligt. Enthousiast liep hij naar een klein poeltje toe en vroeg of de zee er hetzelfde uitziet als dat poeltje. We probeerden uit te leggen dat de zee oneindig groot is, maar ik vraag me af of hij snapte wat we bedoelden. Hij vroeg ook hoe lang het wandelen is van Nederland naar Patacancha. Tja….
  • Als een volleerd bioloog spotte Miguel trouwens de kleinste vogeltjes en kende hij van elk beestje de Quechua naam. Geleerd van zijn moeder. Vervolgens probeerde hij wel tot twee keer toe een vogeltje dood te gooien met een steen om het vogeltje te kunnen eten.
  • Eigenlijk is dat wel begrijpelijk want in Patacancha eet men zelden vlees. Kippen hebben ze eigenlijk niet. Af en toe eten ze vis of cavia, vrijwel altijd als er iets te vieren is. Zoals op onze tweede dag toen gevierd werd dat het dak van het huis af was.

Eigenlijk leven we in twee verschillende werelden. Twee werelden die door het toerisme steeds dichter bij elkaar komen. Ik ben er nog steeds niet uit of dat nou een goede of een slechte ontwikkeling is. De tijd zal het leren.

Jong gezinnetje

Kinderen in vieze kleertjes

Miguel test de camera uit

Kleine man, grote man

donderdag 16 juli 2009

Sorry

Het schrijven van blogberichten is er de afgelopen maand een beetje bij ingeschoten. Dat zullen jullie wel gemerkt hebben. Mijn excuses daarvoor. Om het goed te maken heb ik meteen maar 3 blogberichten geschreven, inclusief een leuk filmpje. Ik beloof dat ik binnenkort ook eens iets over mijn werk zal schrijven.

Parades

Peruanen zijn dol op parades. Ik denk dat er elke dag ergens in Peru wel een parade is. In Cusco is het meestal op zondag raak. En in de gehele maand juni….

Nu moet je bij die parades niet zoiets voorstellen als bij ons met carnaval of het bloemencorso of zo. Eigenlijk zijn er twee soorten parades in Peru. Je hebt het vrolijke type dat bestaat uit dansgroepen begeleid door muziekbandjes. En dan heb je het serieuze type met een meer militair tintje.

Het paraderen wordt al vroeg aangeleerd. Het oefenen van paraderen is een vast onderdeel op de Peruaanse scholen. Ik schiet al in de lach als ik er aan denk dat mijn moeder (basisschoollerares) zou moeten proberen kinderen van 6-7 jaar in een uniform en netjes in rijtjes te krijgen. En dan maar marcheren.

Zoals ik al zei is juni bij uitstek de maand van de parades. In de twee weken voorafgaand aan Inti Raymi, hét festival van het jaar in Cusco, wordt er elke dag geparadeerd. Elke dag is een andere groep aan de beurt variërend van kleuterklassen, tot studenten aan de universiteit en instellingen uit de regio Cusco.

23 juni is de belangrijkste dag. Dan geven alle instellingen, zowel publiek als privaat, acte de presence in de grootste parade van allemaal. Het begint 's ochtends vroeg en de laatste groep passeert rond middernacht de tribune op de Plaza de Armas. Op 23 juni trokken Barry en ik de stoute schoenen aan en liepen we mee in de parade met mijn collega's van CENFOPAR. Allen gekleed in de traditionele kleren van Patacancha, een dorp waar wij veel mee samenwerken. We verzamelden om 4 uur, maar aangezien wij groep 149 waren, moesten we wachten tot 8 uur. Na ongeveer een kwartiertje hupsen door de straten van Cusco was het al weer over. Toen werd het bier aangesleept voor een momentje socializen. Ik heb erg gelachen om met name de mannen van de groep. Terwijl de vrouwen nog redelijk netjes arm in arm van links naar rechts hosten, liepen achter ons de mannen als mieren door elkaar. Wat een zootje ongeregeld was dat.

Ondanks dat ik het paraderen eigenlijk maar stom vind (al die tijd die ermee verloren gaat en al die wegen die ervoor worden afgesloten!) was het wel een hele leuke ervaring om zelf een keer mee te lopen. Voor wie zin heeft om ons een momentje uit te lachen volgen hieronder wat foto's en filmpjes.

Quillabamba

Op maandag 29 juni was het in Peru een nationale feestdag en dus besloten Barry en ik om eens een weekendje ergens naartoe te gaan. De keus viel op Quillabamba, een stad aan de andere kant van de Andes, richting de Amazone.

Op zaterdagochtend vertrokken we in alle vroegte in een bus. Ongeveer een uur later hadden we al ons eerste "ongeluk". We reden over een zandpad (veel te hard natuurlijk) toen er ineens een taxi (ook veel te hard natuurlijk) om de bocht kwam. Ik geloof dat we zijn spiegel eraf reden. Na wat oponthoud gingen we verder.

De route was ontzettend mooi. De bus klimt zichzachend omhoog tot ongeveer 4.300 meter. Het landschap wordt steeds kaler en de bergen met sneeuw worden steeds duidelijker zichtbaar. Vervolgens daalt de bus aan de andere kant van de Andes op dezelfde manier af. Ik was ontzettend verbaasd hoe snel het landschap veranderde. Hoewel we nog steeds op grote hoogte zaten was de andere kant van de berg vrijwel meteen na de top veel groener. De oostflank van de Andes komt uiteindelijk uit in de jungle (de Amazone), maar ik had niet verwacht dat het verschil al zo snel duidelijk zou zijn. Het landschap was ongelofelijk groen. Vooral als je het kale, dorre Cusco gewend bent. Overal stonden bananenbomen, koffieplantages, theeplantages, etc.

Quillabamba zelf stelt eigenlijk niet veel voor. Daar kwamen we snel genoeg achter. Niet een van de restaurantjes in onze twee reisgidsen bestond nog. Uiteindelijk hebben we voor 18 sol (ongeveer 4,25 euro) met zijn tweeën in een lokaal restaurantje ieder een heerlijk kippetje gegeten inclusief een halve liter cola.

Op zondag besloten we naar het zwembad te gaan. We hadden namelijk gehoord dat er in de buurt van Quillabamba een heel mooi zwembad moest zijn. En omdat het in Quillabamba, dat ook wel stad van de eeuwige zomer wordt genoemd, super warm was vonden we dat geen slechte keus. We werden naar het zwembad gebracht net buiten de stad. We moesten welgeteld 10 eurocent entree betalen per persoon. Het complex was erg mooi aangelegd, maar het water was wel een beetje vies. Maar goed, we zijn inmiddels wel wat gewend en dus hebben we de hele dag lekker gezond en gezwommen. Om er vervolgens 's avonds achter te komen dat we die dag ook helemaal lek gestoken waren door kleine, stomme steekvliegjes. Twee weken later hadden we er nog last van.

Die avond kwamen we Suzanne en Jaime tegen die ook in Quillabamba waren. Zij vertelden ons dat we naar het verkeerde zwembad waren gegaan. Maar goed, we hadden nog een dag, dus maandag de tweede poging. Na een tussenstop bij een waterval (die niet veel voorstelde, of hebben wij inmiddels tijdens onze reizen teveel watervallen gezien?) gingen we op weg naar Echerate. Een super klein dorpje dieper de jungle in. De weg was onverhard en het landschap erg mooi. Ik had echt het idee dat we al redelijk in de jungle zaten. Zo anders dan het Peru dat ik ken. De taxi's hier nemen trouwens iedereen mee die ze onderweg kunnen oppikken dus op een gegeven moment zaten we met 7 volwassenen en 1 kind in de taxi (4 voor en 4 achter, het kan echt!). Na een uur kwamen we aan in Echerate, om ons te vergapen aan het belachelijk mooie, schone en grote zwembad om er vervolgens achter te komen dat het gesloten was vanwege de feestdag. Argggggg!! Nou ja, de reis ernaartoe was mooi zullen we maar zeggen. Na nog ongeveer een uur gewacht te hebben in dit super kleine dorpje hadden we eindelijk transport voor de terugreis en in een rotvaart reden we terug naar Quillabamba. Daar vonden we het eigenlijk wel mooi geweest en besloten we ons al gekochte ticket voor de nachtbus weg te gooien en de 6 uur durende reis naar Cusco eerder aan te vangen.

Ondanks dat het weekend anders liep dan gepland (een dicht zwembad en tientallen jeukende bultjes van steekvliegjes plan je niet echt) was het zeker de moeite waard, alleen al omdat de omgeving zo anders was dan in Cusco.

Van het kastje naar de muur

Ooit heeft een Nederlandse wetenschapper geprobeerd om aan de hand van een aantal dimensies culturen van elkaar te onderscheiden. Een van de dimensies die hij gebruikte heet onzekerheidsvermijding. Deze dimensie meet de mate waarin mensen zich op hun gemak of ongemak voelen in onzekere en ongestructureerde situaties. Culturen die hoog scoren op deze dimensie proberen onzekerheid te vermijden of verminderen door gebruik te maken van regelgeving, procedures en rituelen. Peru scoort zeer, zeer hoog … en dat heb ik gemerkt ook!!!

De keerzijde van al die regels en procedures is namelijk bureaucratisering. Wie dacht dat Nederland een bureaucratisch land is moet eens naar Peru komen! Ik ben nu 5 maanden hier en nu pas begint er schot te komen in mijn visum procedure.

Een helaas niet zo kort overzicht van wat ik tot nu toe heb moeten doen:

  • Aanvragen van speciale permissie om met mijn toeristenvisum een arbeidscontract te mogen tekenen; dat wil zeggen: het verrichten van twee betalingen, het invullen van een formulier en het kopiëren van mijn paspoort
  • Het tekenen van een arbeidscontract bij CENFOPAR
  • Het laten goedkeuren van dat contract bij het ministerie van werkgelegenheid. Hiervoor heb ik een heel boekwerk aan papieren in moeten leveren: een aanvraagformulier van mijn organisatie, twee andere verklaringen van mijn organisatie, een aanvraagformulier van mijzelf, een gelegaliseerde kopie van mijn diploma's, een vertaling van mijn diploma's door een erkend vertaler, een gelegaliseerde kopie van mijn paspoort en mijn contract in drievoud.
  • Het aanvragen van een soort verblijfsvergunning en inschrijving in een soort bevolkingsregister, waarvoor ik 2 aanvraagformulieren moest invullen, een gelegaliseerde kopie van mijn contract, paspoort en de goedkeuring van het ministerie van werkgelegenheid moest toevoegen, drie betalingen moest verrichten en toen van alles nog een kopie moest maken.

En ongetwijfeld ben ik nu nog dingen vergeten. Ik ben inmiddels helemaal dol van alle formulieren, betalingen, kopietjes, etc. Mijn papieren zijn nu eindelijk ingeleverd, dus nu is het afwachten geblazen. Over ongeveer anderhalf tot 2 maanden kan ik naar Lima om mijn pasje op te halen (soort verblijfsvergunning). Dat klinkt alsof ik dan gewoon naar een balie moet waar mijn pasje ligt, maar in Peru gaat dat natuurlijk niet zo makkelijk. Er is mij dan ook verteld dat ik minimaal 5 werkdagen (!) moet uittrekken voor het ophalen van het pasje. Voordat ik dat kan doen moet ik namelijk nog een uittreksel gaan halen bij Interpol (want tja, ik zou toch eens internationaal gezocht worden ;), een foto laten maken van mijn gebit, me inschrijven in het bevolkingsregister en vast nog een hele hoop formulieren invullen, betalingen verrichten en kopietjes maken.

Bovendien mag ik nu officieel het land niet meer uit, maar begin augustus moet dat eigenlijk wel, want dan gaan we met het werk op uitwisselingsbezoek in Bolivia en misschien Chili. Je raad het al, ook hiervoor moet ik speciale permissie aanvragen (d.w.z. nog meer formulieren, betalingen, kopietjes, arggggggg….) en een verklaring van de belasting invullen (want tja, ik zal eens het land ontvluchten zonder belasting betaald te hebben ;)

Ach ja, zo blijf je bezig zullen we maar zeggen. En gelukkig zijn de ambtenaren tot nu toe erg vriendelijk. Ik heb nog niet het gevoel gehad dat er iets van me verwacht werd in de zin van smeergeld of zo. Wie weet is dat in Lima anders. Er was trouwens wel een ambtenaar die vroeg of ik hem even deskundig advies kon geven over een toeristisch bedrijfje dat hij aan het opzetten was. Toen voelde ik me wel ongemakkelijk, maar na wat vriendelijk lachen en het veinzen van acuut onbegrip van de Spaanse taal, ging hij weer gewoon verder met mijn papieren.

Ik denk dat ik een feestje ga geven als ik eindelijk al mijn papieren heb. Jullie zijn dan natuurlijk allemaal van harte uitgenodigd!!